WODC: rechtspraktijk gebaat bij heldere definitie femicide
DEN HAAG (ANP) – Het zou de Nederlandse rechtspraktijk ten goede komen als er een heldere juridische definitie van femicide komt. Dat stelt het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC), op basis van een onderzoek dat Maastricht University voor hen deed. Hierdoor zouden femicidezaken consistenter berecht worden en signalen van gendergerelateerd geweld sneller herkend worden.
Rechters en officieren van justitie hanteren nu nog verschillende definities van femicide. Voor sommigen voldoet een moord aan het kenmerk femicide als deze gepleegd wordt door een (ex-)partner of familielid. Voor anderen moet er sprake zijn van kenmerken zoals voorafgaand geweld of een haatmotief om van femicide te spreken. Daarnaast zijn er rechtspersonen die een combinatie aanhouden van zowel de relatie tot het slachtoffer als aanvullende gewelddadige kenmerken.
Als er in een strafzaak sprake is van een partner- of familierelatie of andere gendergerelateerde kenmerken, geldt dit doorgaans al als strafverzwarend. Volgens de onderzoekers spelen gendergerelateerde kenmerken echter een “beperkte rol bij de beoordeling van opzet”, maar worden ze vaker “betrokken bij de vaststelling van voorbedachte raad”, zoals bijvoorbeeld bij een relatiebreuk. Zo speelt geweld tegen vrouwen vaak een ondersteunende rol in het argument, in plaats van een dragend argument of losstaand motief voor een moord.
Expliciet genoemd
Het onderzoek laat zien dat officieren van justitie deze kenmerken, zoals eerder huiselijk geweld, vaker en ruimer meenemen in de bewijsvoering van opzet of voorbedachte raad dan rechters. Ondanks tevredenheid over de huidige strafmaxima pleiten meerdere rechters en officieren voor een aparte strafverzwaringsgrond voor femicide, zodat gendergerelateerde kenmerken structureler worden meegewogen in strafzaken.
Maastricht University onderzocht ook hoe vaak femicide expliciet genoemd werd in moordzaken. In minder dan 2 procent van de onderzochte zaken was dit het geval. Het WODC beveelt aan dat rechtspersonen femicidezaken ook daadwerkelijk zo benoemen.
Daarnaast lijkt het het WODC goed om te onderzoeken of gespecialiseerde rechters en aparte strafkamers kunnen worden ingezet bij femicidezaken. Ook zou er meer onderzoek gedaan moeten worden naar andere vormen van dodelijk geweld tegen vrouwen, zoals mishandelingen met de dood tot gevolg en dood door schuld. Hierdoor zou “de reikwijdte van het fenomeen femicide” beter in kaart komen.
ANP




